Pst. Eric Ngala (Kenia)

Ik ben Eric Ngala Mutumbi, pastor in de Afrikaanse Kerk in Bumala (Kenia). De Reformed Theological Seminary (TRS) waar ik directeur van ben, heb ik mogen oprichten. Ik coördineer de activiteiten van NET Foundation in Kenia. Wij hebben NET Foundation laten registreren als NGO om zo legaal de dingen te kunnen doen die we doen. Ik ben getrouwd en ben gezegend met vier (inmiddels) volwassen kinderen, die allemaal buiten de deur werken, op één na die net zijn studie heeft afgerond en nog thuis woont.

De kerk hier is heel divers en heeft, net als in andere landen, te maken met veel uitdagingen. De grootste uitdaging waar we voor staan is misschien wel het gebrek aan een gedegen opleiding voor voorgangers. Onderzoek wijst uit dat 80 % van de pastors geen officiële opleiding heeft gehad. Dit betekent dat zij het Evangelie niet goed kunnen uitleggen, wat leidt tot dwaalleren. En onwetend verwelkomen ze ook valse leraren. Er is veel onwetendheid, zoals Hosea in hoofdstuk 4 vers 6 zegt. Er zijn allerlei soorten denominaties: Evangelisch, Pinkstergroepen, mensen die een persoonlijke bediening hebben en sekten zoals de Jehova’s Getuigen, Branhamieten, de Kerk van de Heiligen van de Laatste Dagen (Mormonen), Katholieken, Zevendedagsadventisten enz. De sekten focussen vaak op individuen/personen die een bovennatuurlijke openbaring claimen. Vaak is de Bijbel niet de bron waaruit ze putten, maar zijn het hun dromen en de gedachten dat zij dingen kunnen voorspellen. Zij hebben de enige echte God aan de kant gezet. Zij stellen hun stichters op dezelfde lijn als Christus Zelf!

Echter, de ware kerk onderwijst Gods Woord uit de Bijbel aan verloren mensen die tot geloof komen als Christus hun de ogen opent. Hoewel Kenia beweert dat 80 % christen is, zijn velen naamchristen, volgers van verkopers van onwaarheden. Wij staan voor de enorme uitdaging om de voorgangers en de gemeente te onderwijzen om hen zo volwassen volgelingen van Christus te doen laten zijn.

‘s Morgens om vijf uur sta ik op en houd ik Stille tijd, waarna ik een douche neem en ga ontbijten met mijn gezin en de andere leden van de huishouding. Om een uur of acht zit ik in mijn kantoor te wachten op de studenten die komen. Half negen begin ik met mijn lessen. Maandag is altijd een volle dag. Om 16.30 uur stoppen we en pauzeren we tot de volgende dag. Dinsdag is het hetzelfde. Ik geef dan met een paar anderen les op onze RTS campus. Op woensdag en donderdag ben ik bezig voor NET Foundation. Ik werk dan veel op kantoor. Ook trainingen voor NET worden vaak op deze dagen gegeven. Soms moet ik ook wel eens dingen delegeren. Wanneer wij bijvoorbeeld op andere dagen, zoals dinsdags, een training moeten geven verder van huis, dan ga ik daarheen en doen anderen mijn werk op het Seminarie. De zaterdagen gebruik ik om de preek voor zondag voor te bereiden. Eigenlijk ben ik de hele week aan het voorbereiden, maar zaterdags wordt het tot een geheel gesmeed. Op zondagmorgen preek ik vaak. ‘s Middags rust ik dan uit.

De materialen en cursussen van NET zijn voor mij en mijn collega’s tot een grote zegen. Het materiaal is relevant, actueel en praktisch. Wanneer je het goed voorbereidt is er altijd wel een toepassing te maken op het dagelijkse leven: ‘wat wil God dat ik doen zal met het oog op mezelf, maar zeker ook met het oog op de ander?’ Het materiaal is erg goed gestructureerd, zodat het mij heel wat tijd bespaard qua voorbereiding. Zo wordt het lesgegeven alleen maar plezieriger.

Ik ben dankbaar voor de maandelijkse toelage die me in staat stelt om meer tijd te besteden voor de Heere, dan aan seculier werk waarmee ik zou moeten voorzien in mijn levensonderhoud. Er zijn veel voorgangers in Kenia. Maar je zou ons vrijwilliger-voorgangers kunnen noemen. Wij worden niet betaald door de kerk. Dit maakt tegelijk dat wij echte herders zijn die hun werk niet doen, omdat ze er salaris voor ontvangen, maar omdat we trouw zijn aan onze roeping!

Ik bid dat God nog even zal wachten met Zijn komst, zodat het Evangelie de einden van de aarde kan bereiken voordat Hij terugkomt om Zijn Kerk op te halen. Er zijn nog vele ongeredde zielen die het Evangelie nodig hebben. En ik ben er van overtuigd dat wij het zijn die hen moeten bereiken!

Ik zie vruchten op het werk dat wij mogen doen. Ja, speciaal wanneer ik de getuigenissen hoor van de kudde die zich verzet tegen de leer van valse predikers en in staat is hen te ontmaskeren. Ook ben ik blij te mogen zien hoe zij op hun beurt het Evangelie weer met anderen delen, waardoor dezen tot geloof komen en zich aansluiten bij de gemeente.